Home / Blog / Gids / Wat zijn de gevolgen van…

Wat zijn de gevolgen van een laag energielabel voor verhuurders na 2028?

Verhuurdersdossier met energielabelcertificaat met lage rating op lichte eiken tafel, witte warmtepomp zichtbaar op achtergrond.

Inhoudsopgave

Verhuurders in Nederland staan de komende jaren voor een belangrijke uitdaging. De overheid verscherpt de eisen aan de energieprestatie van huurwoningen, en wie niet op tijd actie onderneemt, riskeert flinke financiële gevolgen. Of je nu één woning verhuurt of een heel portfolio beheert: begrijpen wat de nieuwe energielabelregels voor jou betekenen, is de eerste stap naar een slimme aanpak.

Wat betekent een laag energielabel voor verhuurders na 2028?

Na 2028 mogen verhuurders in de vrije sector woningen met energielabel E, F of G in principe niet meer verhuren. De overheid wil hiermee de verduurzaming van de huurmarkt versnellen. Verhuurders die hun woning niet tijdig naar minimaal energielabel D brengen, riskeren een verhuurverbod en boetes van de gemeente of de Rijksoverheid.

Dit beleid is onderdeel van een bredere Europese en nationale klimaatdoelstelling. Nederland heeft zich gecommitteerd aan een aanzienlijke reductie van CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving. Huurwoningen vormen een groot deel van de woningvoorraad, en de overheid ziet verhuurders als een sleutelpartij in de verduurzamingsopgave.

Concreet betekent dit dat een energielabel E, F of G na 2028 niet meer volstaat voor een legale verhuurrelatie in de vrije sector. Voor de sociale huursector gelden vergelijkbare, maar deels afwijkende termijnen en eisen. Verhuurders die nu al investeren in energiebesparende maatregelen, voorkomen niet alleen juridische problemen, maar versterken ook de marktpositie van hun vastgoed.

Welke woningen vallen onder de nieuwe energielabelregels?

De nieuwe energielabelregels gelden primair voor woningen in de vrije huursector met een energielabel E, F of G. Woningen die al een label D of hoger hebben, voldoen aan de minimumeis. Sociale huurwoningen vallen onder aanvullende afspraken met woningcorporaties, waarbij strengere doelstellingen gelden voor de gehele portefeuille.

De meest kwetsbare woningen zijn oudere rijtjeswoningen, portiekflats en appartementen gebouwd vóór 1990, die vaak nog niet of nauwelijks zijn geïsoleerd. Deze woningen hebben typisch een label E, F of G en vereisen de meeste investering om aan de nieuwe norm te voldoen.

Een paar categorieën om in gedachten te houden:

  • Vrije sector huurwoningen met label E, F of G: verhuurverbod dreigt na 2028
  • Sociale huurwoningen: woningcorporaties moeten gemiddeld label B halen voor hun portefeuille
  • Monumenten en bijzondere panden: hier kunnen uitzonderingen gelden vanwege bouwkundige beperkingen
  • Woningen met label D: voldoen aan de minimumeis, maar verdere verbetering is aan te raden

Het is verstandig om het huidige energielabel van je huurwoning te controleren via het Energielabelregister van de RVO. Zo weet je precies waar je staat en hoeveel werk er nog te doen is voor de deadline van 2028.

Wat zijn de financiële gevolgen van een laag energielabel na 2028?

De financiële gevolgen van een laag energielabel voor verhuurders na 2028 zijn aanzienlijk. Een verhuurverbod betekent directe inkomstenderving: zonder huurinkomsten lopen de vaste lasten gewoon door. Daarnaast kunnen gemeenten boetes opleggen aan verhuurders die woningen met een te laag label toch verhuren. Ook de marktwaarde van slecht geïsoleerd vastgoed staat onder druk.

De kosten van niets doen zijn op meerdere fronten zichtbaar:

  • Huurinkomstenverlies: een woning die niet verhuurd mag worden, genereert geen inkomsten
  • Boetes: gemeenten en de Rijksoverheid kunnen handhaven met financiële sancties
  • Waardedaling vastgoed: woningen met een laag energielabel worden steeds moeilijker verkoopbaar
  • Hogere financieringskosten: banken houden bij hypotheekverstrekking steeds vaker rekening met de energieprestatie van een pand

Aan de andere kant levert investeren in een beter energielabel ook voordelen op. Onderzoek laat zien dat woningen die van energielabel C naar A gaan gemiddeld 7 tot 10% in marktwaarde stijgen. Bij een woning van 400.000 euro betekent dat een vermogensgroei van 28.000 tot 40.000 euro. Een hogere WOZ-waarde volgt vaak vanzelf, wat ook positief uitwerkt bij herfinanciering of verkoop.

Hoe kunnen verhuurders hun energielabel verbeteren voor 2028?

Verhuurders kunnen hun energielabel verbeteren door een combinatie van isolatiemaatregelen en de vervanging van fossiele verwarmingssystemen. De meest effectieve stappen zijn dakisolatie, gevelisolatie, HR++ glas en de overstap van een cv-ketel naar een volledig elektrische warmtepomp. Juist die laatste stap heeft een grote impact op het energielabel.

Een gestructureerde aanpak helpt om kosten en impact te prioriteren:

  1. Energielabel laten bepalen: laat een gecertificeerd energieadviseur een EPA-maatwerkadvies opstellen
  2. Isolatie op orde brengen: dak, gevel en vloer zijn de grootste warmteverliezen in oudere woningen
  3. Glas vervangen: HR++ of triple glas verlaagt het energieverbruik aanzienlijk
  4. Verwarmingssysteem vervangen: een all-electric warmtepomp vervangt de gasketel volledig en heeft direct een positief effect op het energielabel
  5. Subsidies aanvragen: de ISDE-subsidie bedraagt in 2026 maximaal 1.900 euro voor een warmtepomp

Financiering hoeft geen drempel te zijn. Via het Nationaal Warmtefonds kunnen woningeigenaren een lening afsluiten voor verduurzamingsmaatregelen zoals warmtepompen, isolatie en HR++ glas. Voor lagere inkomensgroepen geldt zelfs een rentevrije lening van 0%. Meer informatie hierover vind je via warmtefonds.nl.

Is een warmtepomp de juiste oplossing voor huurwoningen?

Een warmtepomp is in veel gevallen een uitstekende oplossing voor huurwoningen, zeker als het doel is om het energielabel te verbeteren en te voldoen aan de eisen na 2028. Een all-electric warmtepomp vervangt de cv-ketel volledig, stoot geen CO2 uit en levert direct een labelverbetering op. Voor woningen met energielabel C, D of lager is dit vaak de meest impactvolle investering.

Warmtepompen bieden verhuurders meerdere voordelen:

  • Directe verbetering van het energielabel, vaak van C naar A
  • Lagere energiekosten voor huurders, wat de aantrekkelijkheid van de woning vergroot
  • Geen afhankelijkheid van gas, wat de toekomstbestendigheid vergroot
  • Stijging van de marktwaarde en WOZ-waarde van de woning
  • Recht op ISDE-subsidie voor de eigenaar van de woning

Een veelgehoorde zorg bij verhuurders is de installatieruimte, met name in appartementen of stedelijke rijtjeswoningen. Moderne warmtepompen zonder buitenunit lossen dit op: ze worden volledig binnenshuis geplaatst en vereisen geen vergunning. Lees meer over hoe dit werkt bij de plug-and-play installatie.

Het is wel belangrijk om te checken of de woning voldoende geïsoleerd is. Een warmtepomp presteert het best in woningen met minimaal HR++ glas en enige mate van gevel- of dakisolatie. Vanaf energielabel C is een warmtepomp doorgaans goed inzetbaar zonder grote aanpassingen aan het bestaande verwarmingssysteem, mits de warmtepomp aanvoertemperaturen tot 75°C kan leveren.

Wanneer moeten verhuurders actie ondernemen om boetes te vermijden?

Verhuurders die boetes en een verhuurverbod willen vermijden, moeten uiterlijk in 2027 beginnen met de uitvoering van verduurzamingsmaatregelen. De deadline van 2028 klinkt nog ver weg, maar de praktijk leert dat wachttijden voor installateurs, vergunningstrajecten en subsidieaanvragen al snel meerdere maanden in beslag nemen. Wie nu begint, heeft de meeste ruimte om rustig en kostenefficiënt te werk te gaan.

Een realistische tijdlijn ziet er als volgt uit:

  1. 2026: energielabel laten controleren en EPA-advies aanvragen
  2. 2026-2027: offertes opvragen, subsidieaanvragen voorbereiden en isolatiemaatregelen plannen
  3. 2027: uitvoering van maatregelen, inclusief installatie van een warmtepomp
  4. Begin 2028: nieuw energielabel laten registreren en verhuurcontracten afstemmen op de nieuwe situatie

Wie wacht tot 2027 of later, riskeert niet alleen hogere kosten door drukte bij installateurs, maar ook dat subsidies zijn gewijzigd of uitgeput. De ISDE-subsidie loopt weliswaar door tot 2030, maar wordt jaarlijks bijgesteld. Actie ondernemen in 2026 geeft de meeste zekerheid over het subsidiebedrag en de planning. Bekijk alvast hoeveel je kunt besparen met een warmtepomp om de terugverdientijd in te schatten.

Hoe EGO helpt bij het verbeteren van het energielabel van je huurwoning

Wij bij EGO begrijpen dat verhuurders op zoek zijn naar een betrouwbare, betaalbare en praktische oplossing om te voldoen aan de energielabeleisen na 2028. De EGO warmtepomp is speciaal ontwikkeld voor Nederlandse rijtjeswoningen en appartementen en biedt verhuurders een concrete weg vooruit.

Dit is wat de EGO warmtepomp voor jou als verhuurder doet:

  • Directe labelverbetering: in veel gevallen van energielabel C naar A, wat je woning toekomstbestendig maakt
  • Geen buitenunit nodig: volledig binnenshuis geplaatst, ideaal voor appartementen en stedelijke woningen
  • Installatie in één dag: minimale overlast voor huurders en verhuurder
  • ISDE-subsidie van 1.900 euro: als eigenaar van de woning kom je in aanmerking
  • SCOP van 4,75: uitzonderlijk efficiënt, wat de energiekosten voor huurders aanzienlijk verlaagt
  • Aanvoertemperatuur tot 75°C: geschikt voor bestaande radiatoren, geen extra aanpassingen nodig

Wil je weten of de EGO warmtepomp geschikt is voor jouw huurwoning en wat het je oplevert? Neem contact met ons op voor persoonlijk advies, of vraag direct een offerte aan en ontdek wat wij voor jou kunnen betekenen.

Gerelateerde artikelen

Over de auteur

Patrick van Buuren

Expert in duurzaamheid en energie-efficiënte oplossingen.

Benieuwd of de EGO warmtepomp iets voor jou is?

Ontvang een vrijblijvende offerte van EGO en zie direct wat de mogelijkheden zijn; eerlijk, duidelijk en zonder kleine lettertjes.

Vraag offerte aan